Informatieve artikelen


Duikers & scheepvaart: de belangrijkste regels 

 

Er wordt veel gedoken in Nederland. Niet alleen sportduiken is populair, ook beroepsmatig duiken komt steeds meer voor. De beroepsvaart huurt steeds vaker een duikbedrijf in om onderhoud en herstellingen aan het onderwaterschip te laten uitvoeren. Zoals bijvoorbeeld het polijsten van een schroef, wat behoorlijk veel scheelt in het brandstofverbruik en kan door duikers uitgevoerd worden. Om een en ander veilig te laten verlopen zijn er in het BPR regels opgenomen waaraan de vaarweggebruikers en duikers zich moeten houden. We zetten de belangrijkste regels hier op een rij:

 

1. Internationale duikvlag (seinvlag A): Als u de blauw-witte internationale seinvlag A (kan ook een bord zijn) ziet op een schip of op de wal, dan zijn er duikers (meestal meer dan één) actief. Verminder tijdig snelheid en blijf uit de buurt. ’s Nachts moet dit teken verlicht zijn, zodat het duidelijk zichtbaar is. Bij het duiken vanaf de oever wordt echter vaak geen duikvlag gezet. Simpelweg omdat niet iedere duiker deze heeft. Zie onder meer over het gebruik van de duikvlag. 

2. Oppervlakteboeien: Oppervlakteboeien worden door duikers meestal opgelaten als ze aan hun opstijging bezig zijn of geven de plaats aan waar duikers actief zijn. Opnieuw geldt: blijf uit de buurt.

3. Markeringsboeien: Op enkele duiklocaties worden verankerde boeien gebruikt om een interessante duikplaats te markeren. Duikers gebruiken deze boeien als referentie om daar in de buurt af te dalen en op te stijgen. Deze boeien bevinden zich vaak in een afgesloten vaargebied. Het wil nog weleens voorkomen dat een windsurfer een markeringsboei of oppervlakteboei gebruikt om die te ronden. Doe het niet, dit is gevaarlijk gedrag.

4. Duiksteigers: In vooral Zeeland bevinden zich enkele steigers specifiek voor duikers. Om te voorkomen dat schepen hier afmeren, is er permanent een duikvlag (seinvlag A) aanwezig. 

5. Duikers in nood, wat dan? Een duiker in nood zal proberen de aandacht te trekken door met z’n armen te zwaaien of op het water te slaan. Let op: benader de duiker voorzichtig. Meestal wordt samen gedoken en als u maar één duiker boven water ziet, is de andere waarschijnlijk nog onderwater. Elke situatie vraagt om een juiste aanpak en doet een beroep op gezond verstand. Bij verwittigen van het Noodnummer, steeds vermelden dat het om een duikincident gaat.

6. Duiken in de vaargeul: Volgens het BPR mag niet worden gedoken in gedeelten van een vaarweg bestemd voor de doorgaande scheepvaart. Alleen in de Oosterschelde is vrijstelling verleend voor het (wrak)duiken in sommige vaargeulen. Enkele wrakken staan aangegeven op de officiële waterkaarten van de Dienst der Hydrografie.

7. Respecteer elkaar: Beroepsvaart, watersporters, (sport)vissers en duikers maken gebruik van hetzelfde water. Als iedereen elkaar respecteert, kan iedereen zonder problemen van dezelfde gebieden gebruikmaken.

 

Duikvlag

Begin 2019 zijn diverse duikorganisaties, de KNRM en Varen doe je Samen! een campagne begonnen om meer bekendheid voor de internationale duikvlag te generen, om zo de veiligheid op en onder water te vergroten. Duikers worden aangemoedigd de vlag altijd te gebruiken als ze gaan duiken. Vaarweggebruikers wordt gevraagd om minstens 100 meter afstand te houden als ze de duikvlag langs het vaarwater zien, zodat duikers veilig kunnen duiken. Zie voor meer informatie de speciale website over het gebruik van de duikvlag:http://www.knrm.nl/duikvlag.

 

 Voor de sportduiker:

1. Waar wel en waar niet duiken? Zoals vermeld in het BPR artikel 8.08 is onderwatersport verboden: 

- Op een wachtplaats of in de onmiddellijke nabijheid van een brug, een sluis of een stuw. 

- In gedeelten van een vaarweg bestemd voor de doorgaande scheepvaart. 

- In routes van veerponten. 

- In havens en nabij de ingangen daarvan. 

- In de nabijheid van afmeergelegenheden. 

- In gebieden speciaal zijn aangewezen voor snelvaren of waterskiën e.d. Duiken is toegestaan in de door de bevoegde autoriteit aangewezen gebieden. Behalve op open water, zoals de Oosterschelde en de Noordzee, wordt ook veel gedoken in gesloten zoetwaterplassen. Let op: Op deze plassen varen vaak kleine vaartuigen.

2. Plaats de internationale duikvlag (seinvlag A): Toon de internationale duikvlag aan boord of op de wal en zorg dat die goed zichtbaar is. Dat is van groot belang, om de overige vaarweggebruikers duidelijk te maken dat er wordt gedoken. Een bord mag ook. Volgens het BPR moet dat zijn gemaakt van niet buigzaam materiaal. Het teken moet op een zodanige hoogte en op een zodanige manier worden geplaatst, dat het van alle kanten zichtbaar is. ’s Nachts moet dit teken zijn verlicht, zodat het duidelijk zichtbaar is.

3. Respecteer elkaar: Beroepsvaart, watersporters, (sport)vissers en duikers maken gebruik van hetzelfde water. Als iedereen elkaar respecteert, kan iedereen zonder problemen van dezelfde gebieden gebruikmaken.

 

Goede, veilige vaart!

 

 


 DUIKVERGUNNING ZANDEILAND 4 VINKEVEEN

 

Duiken zonder vergunning op Zandeiland 4 in Vinkeveen is niet toegestaan. 

De tarieven voor de duikvergunningen Eiland 4, Vinkeveen zijn voor 2019 vastgesteld. 

Het nieuwe tarief voor een individuele jaarvergunning is

€ 25,00 en voor een duikschoolvergunning € 185,00. 

 

Duikvergunning met penning 

De vergunning met penning is alleen te verkrijgen bij Airdiving op Eiland 4. 

 

Duikers zijn verplicht deze te dragen of te kunnen aantonen bij controle! Voorkom een boete! 

 


DUIKMEDISCHE KEURING

 

Waaom een duikkeuring?

Sportduiken of scuba diving is een sport met risico's. Iedereen die gaat duiken loopt deze risico's of hij of zij gezond is of niet. Een (sport)arts met deskundigheid op duikmedisch gebied zal de duiker onderzoeken en de risico's bespreken. Vervolgens wordt bekeken of de onderzochte duiker specifieke en persoonlijke risico's heeft, of deze acceptabel zijn en hoe er zo verstandig mogelijk mee kan worden omgegaan.

Omdat er altijd wordt gedoken met een buddy, een duikpartner, zijn de persoonlijke risico's niet alleen van belang voor de duiker maar ook voor zijn of haar buddy. Het is in beider belang om gezond en fit te water te gaan, zodat duiker en buddy volledig op elkaar kunnen vertrouwen.

Bij veel duikscholen, vooral in het buitenland, wordt alleen een medische vragenlijst ingevuld. Hoewel elke duikkeuring met een vragenlijst begint, kan een vragenlijst alleen nooit een keuring vervangen. De vragenlijst kan geen risico's inschatten en uitleggen. Een sportarts of arts met deskundigheid op duikmedisch gebied kan wél de risico's verduidelijken en de noodzakelijk maatregelen om deze te verkleinen uitleggen. Soms zijn simpele maatregelen genoeg.

 

Is een duikkeuring verplicht?

Voor PADI en NOB is een duikkeuring verplicht. Deze keuring kan worden verricht door sportartsen. Een goedkeuringsbewijs van een sportarts is overal in de wereld geldig. Ook het Duikteam Loosdrecht stelt deze keuring als verplicht.

 

Waar kan ik mij laten keuren?

Duikcentrum Loosdrecht organiseeert jaarlijks een ‘duikmedische keuring’. Zij zullen jou jaarlijks benaderen voor een duikmedische keuring. Of neem contact op met een sportarts, die gespecialiseerd is in sportduiken, bij jou in de buurt.

 

Wie vergoedt de duikmedische keuring?

Neem contact op met je zorgverzekeraar om na te vragen hoe de vergoeding gedekt en geregeld is.

 

Hoe lang is de duikmedische keuring geldig?

De keuringstermijn bedraagt 2 jaar, na je 50e is een keuring jaarlijks verplicht.

 


ONDERKOELING

 

Voor teamleden die in de winter doorgaan met duiken hebben we de belangrijkste punten uit het artikel van D.F.M. van Winden (arts-assistent Hyperbare Zuurstoftherapie
) en T.P. van Rees Vellinga (arts Hyperbare Geneeskunde) nog even op een rijtje gezet!

 

Er zijn drie fasen bij onderkoeling:

 

1)De excitatie fase

Bij 33 tot 35 graden ervaart de duiker allesoverheersende kou en ontstaat er een niet te onderdrukken rillen van het lichaam. Door het rillen komt vier keer meer warmte vrij vanuit de spieren dan in rust. Helaas stijgt ook de warmteafgifte, doordat bij bewegingen in het water voortdurend koud water langs het lichaam stroomt, dat weer moet worden opgewarmd. Vaatvernauwing in de handen en voeten vermindert afkoeling via de huid. Vaatvernauwing is het minst in het hoofd, daarom zal erg veel warmte verloren gaan via het hoofd en is het dragen van een duikkap verplicht. Er volgt verminderd gevoel in de handen en voeten, ernstige vermoeidheid, versnelde ademhaling en hartslag en verwardheid. Bij een te strak duikpak kan kramp in de armen en benen optreden.

 

2)De adyname fase

Als de lichaamstemperatuur onder de 33 graden daalt, stopt het rillen en ontstaat stijfheid en verzwakking van de spieren, verminderd bewustzijn en een trage, onregelmatige hartslag met zwakke pols. Ook kan er geheugenverlies, verwardheid en moeizame spraak optreden.

 

3)De paralytische fase

Bij een lichaamstemperatuur onder de 30 graden, treedt shock en bewusteloosheid op. Een reactie op pijnprikkels ontbreekt. De duiker heeft wijde pupillen, die niet reageren op licht. Er is een groot risico op hersenzwelling, stoornissen in de bloedstolling, suikerhuishouding, zouten en hartritme die tot de dood kunnen leiden.

 

WAT TE DOEN BIJ ONDERKOELING:

Vaak wordt onderkoeling gemist, omdat andere ziektebeelden op de voorgrond staan. Een snelle herkenning van onderkoeling geeft een betere uitkomst.

  • Eerste hulp begint ermee de duiker zo snel mogelijk horizontaal uit het water te halen.
  • Voorkom verdere afkoeling door natte kleren uit te trekken en de duiker te omwikkelen in dekens, aluminiumfolie of ander isolerend materiaal.
  • Leg de duiker plat neer en geef warme, zoete dranken of druivensuiker.
  • Bij een hartstilstand zal gestart moeten worden met reanimatie en bel 112.
  • Dien geen schokken van de AED toe bij een duiker met een lichaamstemperatuur onder de 30 graden, deze kan fatale ritmestoornissen veroorzaken!
  • Doe verder zo weinig mogelijk bij een onderkoelde duiker, zit vooral niet aan de hals of de kaak, in verband met verhoogde gevoeligheid voor hartritmestoornissen.
  • Levensfuncties zijn bij ernstige onderkoeling vaak bijna niet waarneembaar, dit betekent echter niet dat de duiker dood is. Alleen door een arts kan, pas als de duiker is opgewarmd, de dood worden vastgesteld.

 

Met dank aan duikplaats.net voor dit artikel. Laat het niet zo ver komen, let op jezelf én op elkaar! We wensen jullie een mooie duikwinter!

 


Hallo duikteamleden!

 

Onlangs leek het (eindelijk) te gaan zomeren! Op één van deze warme dagen waren we in Vinkeveen om te gaan duiken en daar ontstond, met de zweetdruppels op ons voorhoofd, het idee om weer eens een informatief stukje te plaatsen op de site met als onderwerp, hoe kan het ook anders, ‘warmte aandoeningen’.

 

Zoals je zult lezen gaan de aandoeningen over van redelijk onschuldig naar levensbedreigend. Bij niet op tijd ingrijpen zal de situatie verergeren. Let dus goed op jezelf en op je buddy! Eenvoudige dingen kunnen al helpen. Start bijvoorbeeld met het opbouwen van je set bij aankomst op de duikstek in je koele zomerkloffie, trek daarna pas je duikpak aan. Neem meteen na het aantrekken van je duikpak vast een verfrissende duik zonder je set op of zorg ervoor dat je een flinke fles water bij de hand hebt om in je pak te gooien (nee droogpakdragers, jullie niet). Drink voldoende water, maar let op, ook hier kun je te veel van binnenkrijgen, de nieren van een gemiddeld mens kunnen niet meer dan 4 liter per dag verwerken.

 

Hieronder volgt een overzichtje van de warmte aandoeningen en daarbij kort beschreven wat je kunt doen. Lang niet alle leden hebben een Emergency First Response opleiding gevolgd dus bij het regeltje DOEN beschrijven we in dit geval wat iedereen kan doen, ook zonder EFR of EHBO opleiding. Voor de leden mét opleiding, denk aan stabiele zijligging en controle vitale functies waar nodig.

 

Veelal moet je het slachtoffer laten drinken maar…. Bij sufheid of verlies van bewustzijn absoluut geen drinken geven. Kans op verslikking/verstikking is dan aanwezig.

 

Belangrijkste van alles: 112 bellen mag altijd!!!

 

Hittekramp

Symptomen; pijn in spieren van armen, benen, rug of buik

DOEN: zoek koele omgeving, koel een pijnlijke spier, geef iets zouts te eten (chips) en iets te drinken (sportdrank), geef voorzichtige tegendruk bij kramp in spieren.

 

Hitteflauwte

Symptomen; flauwvallen, koele vochtige huid bleek of rood, misselijkheid, hoofdpijn

DOEN: tegenwoordig is de regel dat je 112 belt wanneer er sprake is van een bewusteloos slachtoffer, doen. Iemand met een hitteflauwte komt als het goed is weer bij na 1 à 2 minuten, maar laat deze persoon nog zeker 10 minuten liggen, want wanneer je iemand direct overeind helpt kun je weer van voor af aan beginnen. Zoek koele omgeving, geef iets te drinken (sportdrank) en adviseer om iets te gaan eten (boterham).

 

Hittestuwing

Symptomen; hevig transpireren, hoofdpijn, misselijkheid in combinatie met een rode iets opgezette huid

DOEN: zoek koele omgeving, verwijder (te) warme kleding, koel het slachtoffer met water (pas op voor onderkoeling), geef iets zouts te eten (chips) en iets te drinken (sportdrank) Kan overgaan in een hitteberoerte! Knapt slachtoffer niet snel op van eten en drinken, bel 112!

 

Hitte uitputting

Symptomen; hevig transpireren, hoofdpijn, misselijkheid in combinatie met een koude klamme huid

DOEN: zoek koele omgeving, verwijder (te) warme kleding, koel het slachtoffer met water (pas op voor onderkoeling), geef iets zouts te eten (chips) en iets te drinken (sportdrank) Kan overgaan in een hitteberoerte! Knapt slachtoffer niet snel op van eten en drinken, bel 112!

 

Hitte beroerte

Symptomen; geen transpiratie maar meestal een droge warme rode huid, soms bleek en koud, hoofdpijn, misselijkheid, verwardheid, ander gedrag dan normaal en bewustzijnsveranderingen. De lichaamstemperatuur is boven de 40.5 graden Celsius. Bewustzijnsdaling, toevallen, shock.

DOEN: Bel 112! Start ONMIDDELLIJK met actief koelen! Maakt niet uit hoe. Besproeien, in water onder dompelen, in natte handdoek wikkelen, ventilator aanzetten, verzin het maar. Lichaam moet van binnen afkoelen dus meest ideaal zijn coldpacks onder de oksels, in de liezen en in de nek maar coldpacks zullen zelden in de buurt zijn. NIET laten drinken. Bij shock krijgt slachtoffer namelijk dorst en zou om iets te drinken kunnen vragen.

 

Tot zover wat info over kleine dingetjes die je al zou kunnen doen om elkaar te helpen, maar laat het gewoon nooit zover komen! Tijdens een EFR opleiding komen nog veel meer nuttige onderwerpen aan bod, tevens is deze opleiding een verplicht onderdeel van een rescue opleiding. Mocht je meer informatie willen over deze opleiding(en) neem dan even contact op met Hans of Mark via info@duikteamloosdrecht.nl


Vloeistofhuishouding / duikersdiurese

Na de duik is de eerste gang van vele duikers die naar het toilet, als het al niet te laat is. Waarom bij het duiken een sterke aandrang ontstaat, die ook gevaarlijk vloeistof verlies tot gevolg kan hebben staat hieronder beschreven.

Elke duiker zal wel eens hebben geconstateerd, dat bij je het duiken eigenaardig genoeg vaak nodig moet plassen. Vooral duikers die de wateren in eigen land niet versmaden, zullen dit verschijnsel kennen: na dertig tot 45 minuten ontstaat een onweerstaanbare aandrang, die het inhouden bijna onmogelijk maakt. Dit verschijnsel wordt door de duikmedici 'duikersdiurese', maar door duikers ook wel besmuikt `duikersverwarming' genoemd. Boze tongen beweren zelfs, dat de duikwereld zich in twee groepen laat verdelen: zij die het doen en zij die liegen.

Maar hoe ontstaat dit interessante verschijnsel? De sleutel tot het raadsel bevindt zich in de vloeistofhuishouding in het lichaam: deze is aan het leven op het land aangepast en wordt door het verschijnsel duikersdiurese verschillende malen om de tuin geleid. Het bloedvolume en de vloeistofhuishouding staan voortdurend onder controle. Als het bloedvolume afneemt, moet het vloeistofgehalte worden aangevuld: je krijgt dorst. Als het bloedvolume te hoog is, wordt vloeistof afgevoerd en uitgescheiden. Deze taak rust op de nieren en de blaas. De meetpunten die het bloedvolume controleren, bevinden zich in de boezems van het hart. Als deze vol en uitgezet zijn, komen signaalstoffen vrij, die de nierfunctie prikkelen en daardoor de urineproductie verhogen: door het uitscheiden van vloeistof wordt het bloedvolume verkleind. Als het desbetreffende hartgedeelte slap en weinig gevuld is, wordt de urineproductie afgeremd en ontstaat een dorstgevoel.

Het centrale meetpunt van de volumecontrole bevindt zich dus in de borstkas. Volgens de wet van de zwaartekracht zakt altijd wat bloed in de aderen van de ledematen, vooral in de benen. Omdat de aderen elastisch zijn, verzamelt zich hier wat bloed, waardoor je bij voorbeeld bij lang staan of zitten merkt dat je voeten enigszins opzwellen en schoenen beginnen te knellen. Door de nauwkeurige afstelling van het volume wordt dit echter door het lichaam opgevangen, omdat het hier een normale situatie betreft.

Wat gebeurt er nu bij het duiken? De duiker bevindt zich onder water in zwevende toestand. Zwevend? Nee, slechts gewichtloos, wat betekent dat de zwaartekracht nog steeds invloed op de duiker heeft, wat slechts voor een deel door de opwaartse druk wordt gecompenseerd. De meeste duikers nemen tijdens het duiken een enigszins schuine positie in, met het hoofd iets lager dan de voeten. Omdat de zwaartekracht nog steeds invloed uitoefent, hoewel duidelijk verminderd, verzamelt zich in de diepergelegen lichaamsdelen meer bloed. Hoewel dit effect zich slechts zwak manifesteert, ontstaat een bloedtoename in de borstkas. Het regelsysteem krijgt dan de indruk dat het volume te groot wordt. Om dit vermeende euvel te verhelpen, volgt een signaal naar de nieren urine te produceren. Maar het om de tuin leiden van de bloedvolumecontrole vindt ook al eerder, op het land plaats. Een goed natpak zit lekker. maar wel nauw. Al tijdens het aantrekken van het pak wordt door het elastische, maar nauw zittende. neopreen, bloed uit de aderen van de benen in de richting van de borstkas geperst. Dan ga je het water in, totdat je er ongeveer tot aan je heupen in staat. Hier worden de vinnen aangetrokken, het kompas en het horloge ingesteld, de laatste afspraken met je buddy gemaakt. Tegelijkertijd drukt het omringende water echter nogmaals op de aderen van je onderlichaam, opnieuw ontstaat een verhoogde bloedtoevoer naar de borstkas en opnieuw bedriegt het thans bekende

mechanisme het systeem: de nieren produceren urine.

Typisch voor onze wateren is bovendien nog een andere oorzaak voor een verhoogde nierwerking: ondanks hun duikpak krijgen de meeste duikers het na enige tijd in koud water toch koud. Behalve een rillen en licht beven, probeert het lichaam een verdere warmteafgifte te verminderen. Hiertoe worden de bloedvaten van de huid en de armen en benen vernauwd. Het bloed dat zich in de bloedvaten bevindt, wordt door deze vernauwing opnieuw naar de borstkas naar het hart geperst. Weer wordt een te hoog bloedvolume gesuggereerd en opnieuw worden de nieren tot urineproductie geprikkeld. Als al deze factoren worden gecombineerd, is de urineblaas al na korte tijd dusdanig gevuld, dat sterke aandrang tot urineren volgt: de 'duikersverwarming' slaat toe. Dan resteert nog de vraag waarom een droogpakduiker werkelijk droog blijft. Deze slaagt er als regel namelijk in het tot het einde toe uit te houden, om dan min of meer nerveus zijn duikpartner te verzoeken bij de opening van zijn ritssluiting te helpen.

Ook de droogpakduiker trekt zijn pak aan, maar dit zit vaak wat ruimer: een aanzienlijk samendrukken van de aderen ontstaat hier niet en daarmee ook geen verhoogde terugstroming van het bloed naar het hart. De voorbereiding vlak vóór de duik in het water is echter weer gelijk, zodat ook hier de vermelde prikkeling plaatsvindt. Als ze helemaal onder water zijn, letten de meeste droogpakduikers er daarentegen goed op, dat de voeten niet de hoogste positie innemen, zodat de lucht in het pak zich niet in de *** verzamelt, waardoor de duiker op zijn kop komt te staan. Dus ook dit mechanisme valt weg. Ook droogpakduikers koelen in de loop der tijd wat af, maar veel langzamer en minder dan hun in natpak duikende soortgenoten. De reactie op de kou komt dus slechts zwak op gang. In het algemeen genomen wordt de urineproductie in dit geval weliswaar eveneens verhoogd, maar in een zo geringe mate dat de droogpakduiker werkelijk droog kan blijven.

Bij het duiken in warm water wordt vaak lichte beschermende kleding gedragen, waardoor het drukeffect op de bloedvaten in de benen gering is. Maar ook in de tropen ontstaat bij langere duiken een zekere afkoeling, zodat op deze manier meer bloed naar het hart wordt getransporteerd en de vochthuishouding in werking treedt. `Duikersverwarming' is dus geen duikerslatijn en heeft ook niets met ontbrekende wilskracht te maken. Integendeel, het is het logische gevolg van verschillende mechanismen, die bepaalde fysiologische processen in de war sturen en tot een compensatieprikkeling leiden. De oude Romeinen waren helemaal niet zo dom, want het Latijnse woord voor duiker is: `urinator'!

Gevaarlijk vloeistofgebrek

Elke duiker heeft na het duiken een te laag bloedvolume. De duikersdiurese is een belangrijke oorzaak van de afname hiervan, maar ook vochtverlies door ademgas, dat droog in-, maar verzadigd van waterdamp wordt uitgeademd, of duikersdiurese versterkende factoren zoals alcohol en caffeïne spelen een grote rol. Bloed is echter het belangrijkste transportmedium voor de stikstof, die uit de weefsels vrijkomt en naar de longen moet worden afgevoerd. Een afname van het bloedvolume heeft dus tot gevolg, dat minder stikstof kan worden afgevoerd en dat het partiële stikstofgehalte sneller drastisch kan oplopen, waardoor belvorming en daarmee een decompressie-ongeval kunnen ontstaan. Bij een duikongeval is daarom behalve een snelle zuurstofverstrekking ook het aanvullen van het volumeverlies belangrijk. Divers Alert Network (DAN) beveelt aan, personen die duidelijk bij bewustzijn zijn en bij wie het slikvermogen intact is, binnen een uur na het ontstaan van het ongeval een liter waterige vloeistof (geen alcohol!, cafeine houdende, suiker en bubbeltjeslimonade) te laten drinken. Aanbevolen worden bijvoorbeeld electroliethoudende, isoton sportdrankjes. Maar in een noodgeval is in principe elke nietalcoholische vloeistof geschikt.

 

Met dank aan duikclub De Eurodivers voor dit artikel.